
Luxemburg
Het Groothertogdom Luxemburg was halverwege de vorige eeuw voor veel Nederlanders een mooie vakantiebestemming. Duitsland was in die jaren nog niet echt populair, België leek het ook niet helemaal te hebben, en Frankrijk was meer voor de avonturiers en francofielen. Vliegreizen waren nog duur, dus bestemmingen verder weg waren voor de meer welgestelden.
Luxemburg had alles wat je van een “buitenland” mocht verwachten. Een andere taal, bergen, en mensen met andere gewoonten. Ander eten? Ach, dat viel wel mee, toch? Maar wat ze wel hadden op culinair gebied was wijn! Luxemburg dus.
Een meerdaagse schoolreis
Begin jaren zeventig ging ik met schoolreis naar Duitsland, België en Luxemburg. Mijn eerste buitenlandse reis. Duitsland had cultuur, de Hoge Venen in België waren mooi, en Luxemburg ervaarde ik als een vriendelijk land.
We overnachtten in jeugdherbergen en op het programma stonden o.a. het pittoreske plaatsje Monschau, de grotten van Remouchamps, een stadstour met gids door Trier, een rondrit door het Luxemburgse heuvelland, het oorlogsmonument in Bastogne. Het kleine mondje Duits was niet overal toereikend, maar gelukkig spraken de begeleidende docenten die taal wel.
Ik leerde toen ook dat abrikozen op zijn Duits aprikosen waren. Bijna hetzelfde. Het ijsje met deze smaak was erg lekker.
De eerste buitenlandse vakantie
Een paar jaar later ging ik met mijn toenmalige vriend en zijn ouders op vakantie naar Bettendorf, aan de rivier de Sûre in Luxemburg. Met de trein van Amsterdam naar Ettelbrück, en daarvandaan met een taxi naar het gehuurde vakantiehuisje. Boodschappen halen bij het plaatselijke kruidenierswinkeltje, dat naast grutterswaren ook brood, zuivel, aardappelen en groente verkocht. En sterke drank.
Ook zijn we er met zijn tweeën een keer op kampeervakantie geweest. We waren met de auto en maakten mooie ritten door het bergachtige landschap.
Luxemburg, heerlijk vakantieland
Mijn vader vond Luxemburg ook een prachtig land. Of Luksemburg, zoals hij het uitsprak. Rond 1980 ben ik daarom met mijn ouders en zussen meerdere keren naar datzelfde vakantiehuis in Bettendorf gegaan. Het was een fijne plek op een berghelling, midden tussen de appelbomen. We gingen altijd in de herfst, dus konden en mochten we de appels plukken!
Iedere ochtend vroeg haalden we vers brood bij de bakker in Gilsdorf. De overige boodschappen haalden we bij de Monopol-supermarkt in Ettelbruck.
Een paar jaar later huurden we eens met onze hele familie een oud boerenhuis in Dillingen. Het bleek een imkerij te zijn geweest. Ook dat was een leuke plek aan de Sûre. Over de brug liepen we zo Duitsland in.
Vertier
Rondritten maakten we. Langs het mooie Esch-sur-Sûre dat in een lus van de Sûre ligt. We reden door de boerendorpjes, en bezochten het wildpark bij Hosingen. En natuurlijk het Müllerthal waar we ons vermaakten bij het riviertje de Ernz Noir.
Opsteken in een café-restaurant omdat we iets wilden drinken. Voor de kleine trek bestelden we een broodje ham en een broodje kaas. Oeps, toen dat gebracht werd keken we wel even vreemd op. Niks wit bolletje met een plakje beleg. Het bleken planken vol met brood en verschillende soorten ham en kaas te zijn! Complete maaltijden. Gelukkig had niet iedereen iets besteld, en met vereende krachten maakten we met zijn allen de planken soldaat.
Luxemburgse wijn
In de plaatselijke cafés schonken ze lokale wijnen. Elbling, Riesling, Rivaner, Auxerois, wijnen genoemd naar de druif waarvan ze gemaakt zijn. De Luxemburgse caféhouders waren gul, twee deciliter in een wijnglas was de standaard maat. We lieten het ons goed smaken.
Tijdens deze vakanties bezochten we ook wijnkelders langs de Moezel, o.a. de Caves van Bernard-Massard in Grevenmacher en de Coöperatie in Wormeldange. In de oogsttijd zagen we dan de tractoren met karren vol druiven naar de coöperatie rijden. Daar in Wormeldange hebben we menige fles gekocht om mee terug naar Nederland te nemen.
Thuis konden we dan genieten van aangename vakantieherinneringen, onder het genot van een lekker glas witte wijn.
